Het geheim van de eenhoorn
De puntigheid van ons bewustzijn

In vroegere eeuwen bestond er geen psychologie. Deze zielenwetenschap is pas in de twintigste eeuw ontstaan. Voor die tijd werden zielenprocessen beschreven in de vorm van beelden: sprookjes, mythen en fabels.

De eenhoorn is een mythologisch wezen dat altijd erg tot de verbeelding heeft gesproken, maar de betekenis van het beeld is niet vanzelfsprekend. Een gewoon paard dient in sprookjes vaak als beeld voor het denken. Maar wat mag een paard met een lange, spitse hoorn op zijn hoofd dan toch beduiden?

De sleutel tot dit geheim kan gevonden worden in de manier waarop we waarnemen. Er zijn twee manieren om naar dingen te kijken: de periferische en de puntsgewijze. Dieren kunnen alleen periferisch waarnemen, mensen kunnen het allebei.

Periferisch waarnemen

Dieren hebben een open, weidse manier van kijken. De ogen nemen alles in de omgeving gelijktijdig waar. Bij de meeste dieren staan de ogen aan weerszijde van de kop, zodat ze niet over de mogelijkheid beschikken om met twee ogen naar één punt te kijken. Deze manier van waarnemen kun je 'periferisch' noemen. (omtreksgewijs)

Het periferische waarnemen is dromerig en omvattend. Het geeft de mogelijkheid om reflexmatig op waarnemingen te reageren.

  Laura, twee jaar oud

Door de bouw van het menselijke hoofd kan wel een enkel punt met de ogen gefixeerd worden, maar het jonge kind kijkt in de eerste jaren nog voornamelijk periferisch, met open blik in de wereld rond.

  Laura, drie jaar oud

Met het ontwaken van het denkende zelfbewustzijn gaat het kind puntsgewijs de wereld waarnemen. Het fixeert met beide ogen één specifiek punt en richt daar zijn bewustzijn volledig op. Het perifere waarnemen blijft hiernaast bestaan, met behoud van zijn gevoelsmatige en halfbewuste karakter.

 Puntsgewijs waarnemen

Puntsgewijs waarnemen wordt mogelijk door de oogassen te kruisen. Beide ogen richten zich naar hetzelfde punt en naarmate dit punt dichterbij of verder weg is, verdraaien de oogassen meer of minder.


De ogen en het punt dat wordt waargenomen, vormen samen een spitse driehoek. Ons bewuste, denkende waarnemen steekt als een denkbeeldige hoorn de wereld in.

De eenhoorn overwinnen

Het wezen van het zelfbewuste denken verschijnt in het beeld van een paard met een scherpe hoorn, in een dierlijke gestalte dus. Dat geeft aan dat we te maken hebben met een niet volledig doormenselijkte zielenkracht.

Het zelfbewuste denken is analytisch, het ontleedt wat het ziet. Het heeft daarmee vernietigende eigenschappen: in niet-omgevormde toestand is de eenhoorn ook de begeerte om op alles en iedereen kritiek te leveren, de zucht om overal een oordeel over te hebben.

Ter voorkoming van ongewilde schade moet de eenhoorn getemd worden, ondergeschikt worden gemaakt aan de krachten van het hart. In een sprookjesbeeld uitgedrukt: hij moet in dienst gesteld worden van de koningsdochter.

Grimm's sprookje van het Dappere Snijdertje vertelt hoe dit in zijn werk kan gaan.

Het snijdertje is een verstandig mannetje dat met list zijn doelen weet te bereiken. Zo ziet hij bijvoorbeeld kans om reuzen te overwinnen door ze tegen elkaar uit te spelen. Dit is voor de koning echter niet genoeg. Het snijdertje moet in zichzelf ook nog de eenhoorn overwinnen, het wezen dat bij verstandsmensen vanzelfsprekend pregnant aanwezig is.

Voordat je mijn dochter en het halve koninkrijk verkrijgt, moet je eerst een heldendaad verrichten. In het woud loopt een eenhoorn rond. Hij richt overal schade aan. Hem moet je eerst vangen. [...]

De eenhoorn kwam weldra aan en sprong recht op het snijdertje af, als wilde hij hem zonder omhaal aan zijn hoorn spiesen. Het snijdertje wachtte tot het dier vlakbij was; dan sprong hij behendig achter de boom. De eenhoorn rende met alle kracht tegen de boom aan en spieste zijn hoorn zó stijf in de stam, dat hij hem niet weer uit kon trekken. En zo was hij gevangen.

Ook dit keer overwint het snijdertje met een list. Het wezenlijke van een boom wordt bepaald door de wetmatigheden van het leven. Het analytische denken weet hier niets mee te beginnen en komt tot zwijgen. Voortaan bepaalt het hart wanneer en op welke wijze de analytische gedachtenkrachten worden ingezet.

Ken uzelve

In de vijftiende eeuw was de eenhoorn bijzonder geliefd als thema voor wandkleden. We zien dan een vreedzaam tafereeltje van een jonkvrouw met leeuw (beeld voor de hartenkrachten) die een tamme eenhoorn koestert.


    gobelin uit Cluny (Fr)


detail

Op het gobelin hierboven krijgt de eenhoorn een spiegeltje voorgehouden. Het onderkennen en overwinnen van het wezen van het analytische denken is immers een weg van zelfkennis.
 

  gobelin uit de kathedraal van Reims (detail)

Zelfkennis zien we ook op het gobelin uit Reims. Het toont een voornaam geklede heer, wellicht een geleerde, samen met een eenhoorn die wel erg veel op hem lijkt. Let op de specifieke houding van handen en voeten, de gelaatsuitdrukking en de gespleten baard.

Het is niet onwaarschijnlijk dat de afgebeelde persoon de opdrachtgever van het gobelin zelf was, want de mensen hadden in die tijd vaak een fijn gevoel voor zelfspot en relativering.

Wilfried Nauta

eenhoorn@wilfriednauta.nl

Links

Share on FacebookShare on HyvesShare on TwitterTell a friend

AntroVista

Dit artikel vertegenwoordigt uitsluitend de persoonlijke mening van de auteur en is gepubliceerd onder diens eigen verantwoording. AntroVista neemt zelf geen standpunt in en biedt slechts ruimte aan de mening van anderen.

Gepubliceerd op 1 maart 2004