Het citaat van de dag

Wij merken tegenwoordig dat mediums, ook al lijken ze eerst geschikt om iets geestelijks door te geven, aan invloeden blootstaan die moreel zeer bedenkelijk zijn. Omdat er bij mediums een zekere discrepantie optreedt tussen wat ze openbaren en wat ze zijn, kunnen ze uiteindelijk vaak niet meer de waarheid van de leugen onderscheiden, en dat kan zich uitstrekken tot een gebied waarbij moraliteit en immoraliteit niet meer uit elkaar gehouden worden.

Een mens wordt medium, doordat door krachten van buitenaf het ik en het astrale lichaam uit het fysieke en het etherische lichaam worden getrokken. Maar op het moment dat bij het medium het ik en het astrale lichaam uit het fysieke en etherische lichaam getrokken zijn, zit er ook al een andere macht in de ik en astrale lichaam. Al naar gelang de initiator die zoiets bewerkt, goede of slechte bedoelingen heeft, kan deze macht goed of kwaad zijn.

Als het medium weer terugkomt in het fysieke lichaam, wat gebeurt er dan? Kijk, de logica die je in de fysieke wereld hebt om in de fysieke wereld leugen en waarheid te kunnen onderscheiden, die kun je in de geestelijke wereld niet hanteren. Het is absoluut een misvatting om te denken dat je de begrippen van leugen en waarheid die je in de fysieke wereld terecht nodig hebt, ook in de geestelijke wereld kunt toepassen.

In de geestelijke wereld is er niets wat je op zo’n manier zou moeten onderscheiden. Daar zijn wezens die goed zijn en wezens die slecht zijn. Je moet ze uit jezelf herkennen, want ze zeggen je niet welk soort ze zijn. Maar ook de slechten zijn op hun manier waar. Natuurlijk is dat moeilijk te begrijpen, zoals trouwens alles moeilijk te begrijpen is wat ons bij het betreden van de geestelijke wereld tegemoetkomt.

En zo is in werkelijkheid niets van de logica die we hier in de fysieke wereld enorm nodig hebben, in de geestelijke wereld bruikbaar.

Daarom moet de ware geïniteerde een bepaalde zielengesteldheid hebben om te schouwen in de geestelijke wereld. Hij moet er zich volledig verantwoordelijk voor voelen dat hij op het ogenblik dat hij weer in de fysieke wereld terugkeert met fysieke begrippen moet werken.

Dat kan het medium niet omdat het niet bewust de geestelijke wereld binnengaat. Als het weer terugkomt nemen het ik en het astrale lichaam weer bezit van het fysieke en etherische lichaam met een denkrichting die wel juist is voor de geestelijke wereld, maar die het hele morele voelen en beleven dat voor de fysieke wereld geldt, corrumpeert. Daarom is het medium gecorrumpeerd ten aanzien van waarheid en leugen, en dat werkt dan overal in door.

Rudolf Steiner, 15 september 1924

GA 346. Vorträge und Kurse über christlich-religiöses Wirken Apokalypse und Priesterwirken (Apocalypse en priesterschap, uitgeverij Vrij Geestesleven)

Renée Zeylmans, citaat van de dag

afdrukken


In de bovenzinnelijke wereld worden op de meeste intensieve wijze de Michaël-impulsen voorbereid, die juist in ons tijdperk als het ware van de hemel naar de aarde zijn gebracht… Met ons bewustzijn van de huidige tijd moeten we aansluiten bij wat zich in de laatste eeuwen in de bovenzinnelijke wereld heeft afgespeeld.

(…) In alles wat zich op geestelijk gebied afspeelt, zijn immers niet alleen de zielen werkzaam die vandaag de dag op aarde zijn geïncarneerd, maar ook andere zielen die zich nu tussen de dood en nieuwe geboorte bevinden en de stralen van hun werkzaamheid naar de aarde zenden. In onze eigen daden liggen de impulsen van zulke zielen. Het werkt immers allemaal samen, net zoals de aardse daden zich op hun beurt tot in het hemelse gebied uitstrekken en daar verder werkzaam zijn.

Rudolf Steiner, 12 september 1924

GA 238. Citaat en vertaling uit: “Rudolf Steiner en de grondvesting van de nieuwe mysteriën” door Sergej O.Prokofieff (Uitgeverij Perun Boeken)

Renée Zeylmans, citaat van de dag

afdrukken


Eénmaal moest het in de loop van de ontwikkeling van de aarde voor de hele mensheid gebeuren dat Christus, die de mensen vroeger alleen als de geest van de zon konden schouwen, afdaalde en zich daardoor kon verbinden met de krachten van de aarde.

( …) Eerst innerlijk, maar dan ook steeds meer op een zichtbare manier, zullen de mensen die het aan willen gaan, zichzelf vervullen met de Christus­kracht. Zo zal de mens van de toekomst het wezen van Christus niet alleen begrijpen maar zich er ook mee vervullen.

(…) We gaan een periode tegemoet waarin werkelijk in een helemaal niet zo verre toekomst eerst een klein aantal mensen, maar dan steeds meer mensen de gedaante van Christus zullen kunnen schouwen, nu echter in de etherische, niet in de stoffelijke wereld. Niet zozeer door een geestelijke scholing maar door de graad van ontwikkeling die de mensheid op aarde bereikt, zullen ze hem zo kunnen zien.

Eenmaal was hij in een fysieke gedaante te zien, omdat de mensen die op het fysieke plan leefde dit eenmaal moesten meemaken. Maar de Christus-impuls zou zijn doel gemist hebben als hij, voortwerkend, zich niet verder zou ontwikkelen. We gaan een tijd tegemoet –ik kan dit slechts als een mededeling uitspreken– waarin de hogere krachten van de mensen Christus zullen kunnen schouwen.

(…) Zij zullen door hun innerlijke ervaring weten wie Christus is, die hun zal verschijnen vanuit de etherische ’wolken’. Dat is een soort wederkomst
van Christus in een etherisch kleed.

Rudolf Steiner, 10 september 1910

GA 123. Das Matthäus-Evangelium (Het evangelie naar Mattheüs - Esoterische achtergronden, uitgeverij Vrij Geestesleven)

Renée Zeylmans, citaat van de dag

afdrukken


Ik zie rond in de wereld,
waarin de zon haar licht zendt,
waarin de sterren fonkelen,
waarin de stenen rusten,
de planten levend groeien,
de dieren voelend leven,
waarin de mens, bezield,
de geest een woning geeft;
ik kijk diep in de ziel,die binnen in mij leeft.
De Godesgeest, hij weeft
in zon- en zielelicht,
in wereldruimte, buiten,
in zielediepten, binnen–
Tot u, O Godesgeest
wil ik mij vragend wenden,
opdat de kracht en zegen
voor leren en voor werken
in mij groeien.

Voor de hogere klassen van de Vrije School

Rudolf Steiner, Stuttgart 7 september 1919

GA 40. Wahrspruchworte (Gedichten, spreuken, meditaties. Uitgeverij Vrij Geestesleven)

Renée Zeylmans, citaat van de dag

afdrukken


Iedereen weet, want dit is een feit van het uiterlijk leven, dat wij ouder worden wat ons fysieke lichaam betreft. Wij worden steeds ouder. En waaruit het ouder worden bestaat, dat weet iedereen. Maar wat ons etherlichaam betreft, is het omgekeerde het geval: daar worden wij namelijk steeds jonger, echt jonger!

En als wij heel oude mensen geworden zijn, dan is ons fysieke lichaam oud, ons etherlichaam jong. Wij moeten ons etherlichaam zo ontwikkelen in de loop van ons aardeleven, dat, als wij aan het einde van ons leven gekomen zijn, ons astraallichaam in dit etherlichaam zich zo voelt, als het ermee gesteld moet zijn, om het volgende leven op passende wijze te beginnen.

Men kan werkelijk zeggen: Als de mens oud, grijs en rimpelig geworden is, dan bloeit zijn etherlichaam op, wordt fris; want zijn astraallichaam moet zich dan aanwennen in een etherlichaam zo te leven, dat de nieuwe kiem er al in ligt. Hoe dit astraallichaam in het volgende aardeleven het fysieke lichaam van het kind doordringt, hoe het daarin werkt, dat moet op zekere wijze al door het leven met het jong geworden etherlichaam uitgedrukt worden.

(…) Hoe ouder men in het fysieke lichaam wordt, des te meer neemt in de mens deze wijsheidsfactor vaste vorm aan. Maar bij degenen die jong sterven is het anders, daar is het etherlichaam niet zo jong geworden, en het gevolg daarvan is dat er minder op aarde verworven wijsheid in dit etherlichaam voorradig is. Maar in plaats daarvan is er iets anders in: in het oude etherlichaam van een jong gestorvene, daar is des te meer wil in; direct wilselement, scheppend liefdeselement is daarin.

Een jong geworden etherlichaam heeft een wijsheidskarakter, een oud etherlichaam wilskarakter. En het stroom liefde uit, warme etherische liefde. Het etherlichaam van een oud geworden mens stroomt wijsheidvol, aurisch
licht uit.

Rudolf Steiner, 5 september 1915

GA 163. Zufall, Notwendigkeit und Vorsehung: imaginative Erkenntnis und Vogänge nach dem Tode (Toeval, noodzaak en voorzienigheid. Uitgeverij Zevenster)

Renée Zeylmans, citaat van de dag

afdrukken


In onze sociale verhoudingen liggen de dingen zo gecompliceerd, dat velen dit gebod (het gebod ’Gij zult niet stelen’ -JH) overtreden zonder zich daarvan ook maar iets bewust te zijn.

Stelt u zich voor dat u een som geld bezit en dat u dat geld bij een bank onderbrengt. U doet niets met dat geld, u buit er niemand mee uit. Maar nu komt de bankier, die speculeert en buit zo, met úw geld, anderen uit. In occulte zin bent ú daarvoor verantwoordelijk.

Een rentenier bijvoorbeeld, wiens kapitaal zonder dat hij er weet van heeft in een jeneverstokerij is belegd, maakt zich net zo schuldig als de fabrikant die sterke drank fabriceert. Het niet-weten verandert niets aan het karma.

Rudolf Steiner, 3 september 1906

GA 95. Vor Tore dem der Theosofie

John Hogervorst, citaat van de dag

afdrukken


In wezen hebben de groten der aarde zich te allen tijde de vraag gesteld: hoe kan de mens dat, wat in aanleg in hem aanwezig is, op de juiste manier tot ontplooiing brengen? En hierop zijn zeer uiteenlopende antwoorden te geven. Er is waarschijnlijk geen antwoord te vinden dat korter en bondiger is dan dat wat Goethe vanuit een diepe innerlijke gemoedsstemming gegeven heeft in zijn Geheimnisse:

Van de macht die alle wezens aan zich bindt,
Bevrijdt de mens zich die zichzelf overwint.

Ontzaggelijk veel ligt in deze woorden besloten, ze zijn van een diepe betekenis. Ze laten ons immers duidelijk en kernachtig zien, waar het bij elke ontwikkeling om gaat. Het gaat erom dat de mens zijn innerlijk beleven ontwikkelt doordat hij boven zichzelf uitstijgt. Daardoor ontdekken we dat we ons als het ware boven onszelf verheffen.

De ziel die zichzelf overwint, vindt de weg die haar boven zichzelf laat uitstijgen en zodoende naar het hoogste goed van de mensheid leidt.

Rudolf Steiner, 2 september 1908

GA 106. Ägyptische Mythen und Mysterien im Verhältnis zu den wirkenden Geisteskräften der Gegenwart. (Egyptische mythen en mysteriën, uitgeverij Vrij Geestesleven)

Renée Zeylmans, citaat van de dag

afdrukken


AntroVista
Citaat van de dag in samenwerking met Antrovista: www.antrovista.com