menu
Het citaat van de dag

Verzorgd door Renée Zeylmans († 16 februari 2018)


Lijden is een begeleidend verschijnsel bij de hogere ontwikkeling. Het is iets wat men niet kan ontberen bij het verkrijgen van kennis. Ooit zal de mens zeggen: wat de wereld mij aan vreugde geeft ben ik dankbaar, maar als ik voor de keuze wordt geplaatst of ik mijn vreugde of mijn lijden wil behouden, zal ik voor het lijden kiezen; ik kan dat niet missen het verkrijgen van kennis.

Elk lijden blijkt na verloop van tijd zodanig te zijn dat je het niet kunt missen, want we moeten het opvatten als iets wat hoort bij ontwikkeling. Er bestaat geen ontwikkeling zonder lijden, net zoals er geen driehoek bestaat zonder hoeken.

Wanneer harmonie met de Christus zal zijn bereikt, zullen we inzien dat daarvoor alle voorafgaande lijden een noodzakelijke voorwaarde was. Om harmonie te kunnen hebben met de Christus, moet het lijden er zijn, het is een absolute faktor in de ontwikkeling.

Door zijn egoïteit te overwinnen komt de mens over de stemming van neerslachtigheid en verlamd zijn heen. In dit fenomeen kan men iets zien wat goed is; kracht uit ontoereikende daad, dat wil zeggen het mislukken ervan, wordt aangemoedigd om verder te handelen!

Het streven van de mens is geen onbepaald geluk bij een loterij. Niet verlost blijft slechts iemand wiens vrije wil zich afkeert van de bestemming van het menselijk wezen. Lijden is een faktor in de synthese van het wereldproces.

 
Rudolf Steiner, Düsseldorf 21 april 1909

Uit: vragenbeantwoording in Düsseldorf van 21 april 1909, ’s avonds. Gepubliceerd in Geistige Herarchiën und ihre Widerspiegelung in der Physischen Welt, GA 110.


Drieduizend jaar na het begin van het donkere tijdperk ontstond de nieuwe mogelijkheid voor de verbinding van de mens met de geestelijke wereld. Deze mogelijkheid bestond daarin, dat de mens met zijn ik de vereniging met de geestelijke wereld kon bereiken, d.w.z. dat hij de mogelijkheid had, deze geestelijke wereld waar te nemen, ondanks het feit, dat de menselijke waarneming beperkt was tot de zintuigen. Deze mogelijkheid ontstond door de belichaming van Christus.

(…) Alleen bij Christus zien we, dat zijn goddelijk-geestelijk wezen in directe verbinding met een fysiek lichaam staat, d.w.z. het ik van Jezus verlaat zijn fysieke, etherische en astrale omhulling en Christus belichaamt zich (bij de doop) hierin als ik, zodat het ik van elk mens verbinding met Christus kan hebben.

(…) Het Christusgebeuren kan met het intellect, met het fysieke verstand begrepen worden. God moest op het fysieke vlak neerdalen, omdat de kwaliteit van de menselijke waarneming zich niet meer kon verheffen boven de wereld van de fysieke zintuigen. Vandaar de grote profetie van Johannes de Doper in het Evangelie, dat de toestand van de ziel veranderd moest worden, opdat het rijk der hemelen nader tot ons zou kunnen komen.

(..) We leven in de belangrijke tijd van het einde van het Kali Yuga. Sedert 1899 is het duistere tijdperk, dat 3101 voor Christus begon, reeds afgelopen en sedert dit tijdstip beginnen zekere kwaliteiten zich langzaam te ontwikkelen, die door de natuurwetenschap nog niet erkend zijn. In onze 20ste eeuw zullen langzamerhand in een deel van de mensheid nieuwe menselijke zielen-kwaliteiten zich ontwikkelen.

(…) Men moet wijzer worden door de waarheid, maar men moet ook steeds moediger over haar spreken, als over een geestelijk bloed, waarvan we ons gevoel en onze wil willen laten doordringen.

 
Rudolf Steiner, Palermo 18 april 1920

GA 118. Das Ereignis der Christus-Erscheinung in der ätherischen Welt. (De Wederkomst van Christus in de etherische wereld, uitgevrij Zevenster)


De mens heeft innerlijke trouw van node,
trouw aan de leiding van de geestelijke wezens.
Hij kan op deze trouw
zijn eeuwig zijn en wezen bouwen,
waardoor het eeuwig licht
het zintuig’lijk zijn
doorstromen en vervullen kan met kracht.

 
Rudolf Steiner, Dornach 12 april 1923

GA 40. Wahrspruchworte


Het zal ooit nog eens belangrijk worden voor het beschouwen van de mensheidsgeschiedenis dat de mensen die op aarde leven niet enkel tot aan hun dood gevolgd worden, maar ook bij hun werkzaamheid voorbij de dood, waar zij, indien zij op geestelijk gebied van betekenis zijn geweest, verder werken voor de zielen die dan naar de aarde gaan afdalen.

(…) het is van ongekend belang wat een mens doet, wanneer hij de resultaten van alles wat hij op aarde gedaan heeft omzet in iets geestelijks en meedeelt aan de zielen die na hem afdalen.

 
Rudolf Steiner, Dornach 12 april 1924

GA 236 Band 2. Esoterische Betrachtungen karmischer Zusammenhänge (Karma 4, uitgeverij Zevenster)


Niemand in de wereld hoeft door het geestes­wetenschappelijk inzicht ook maar het geringste van zijn religieuze overtuigingen prijs te geven. Geesteswetenschap wordt veelal miskend, omdat ze in feite op heel andere gronden berust dan welke godsdienstige overtuiging ook. Ze is zuiver geestelijke wetenschap.

(…) Ten eerste, doordat ze voor iedere menselijke ziel begrijpelijk is, doordat ze de dingen beschouwt, waarnaar elk menselijk hart ieder ogenblik van de dag eigenlijk zou moeten vragen.

(…) Vele duizenden malen heeft de mens het nodig als troost, wat de geesteswetenschap hem als troost te zeggen heeft en nodig als hoop en vertrouwen voor dit leven en voor de toekomst, wat de geesteswetenschap hem daaromtrent heeft te geven.

 
Rudolf Steiner, Rome 11 april 2011

GA 118. Das Ereignis der Christus-Erscheinung in der Ätherischen Welt (De wederkomst van Christus in de etherische wereld, uitgeverij Zevenster)


toon meer citaten

Adressen en bronnen

Renée Zeylmans

Overleden op 16 februari 2018

Nearchus CV

Uitgeverij voor Sociale Driegeleding

Postbus 387

9400 AJ Assen

0592 408 989

www.nearchus.nl

Uitgeverij Pentagon

Vertalingen van Rudolf Steiner, opvoeding en vrijeschoolpedagogie

Weteringschans 54-a

1017 SH Amsterdam

020 622 7679

www.uitgeverijpentagon.nl

Stichting Rudolf Steiner Vertalingen

'Werken en Voordrachten' in het Nederlands

Boswachtersveld 203

7327 JS Apeldoorn

www.steinervertalingen.nl