menu
Het citaat van de dag

Verzorgd door Renée Zeylmans († 16 februari 2018)


Van de macht die alle wezens bindt,
bevrijdt de mens zich die zichzelf overwint,
en die in deze overwinning
zichzelf pas werkelijk vindt,
zoals de hele mensheid werkelijk
in Christus zichzelf kan vinden.

 
Rudolf Steiner, Berlijn 25 januari 1912

GA 40. Gedichten, spreuken, meditaties.


Wij worden vanuit de kosmos gedacht. De kosmos denkt ons.

(…) Mediteert u maar eens over het volgende idee: Ik denk mijn gedachten. -En ik ben een gedachte die door de hiërarchieën van de kosmos wordt gedacht. Het eeuwige van mij bestaat erin dat het denken van de hiërarchieën iets eeuwigs is.

Als ik ooit door een categorie van de hiërarchieën ben uitgedacht, dan word ik overgedragen van de ene categorie op de andere, opdat deze op zijn beurt mij in mijn eeuwige, ware wezen verder denkt –zoals de menselijke gedachte van de leraar op de leerling wordt overgedragen. Zo voel ik me midden in de gedachtewereld van de kosmos.

 
Rudolf Steiner, Berlijn 23 januari 1914

GA 151. Der menschliche und der kosmische Gedanke (Het menselijke en kosmisch denken)


Onze liefde moge je volgen,
ziel, die daar leeft in de geest,
die haar aardeleven schouwt,
schouwend zich als geest-erkent
en wat jou in de zielenwereld
denkend als eigen wezen verschijnt
neme onze liefde op
opdat wij in jou ons voelen
jij in onze ziel kunt vinden
wat met jou (in trouw) wil leven.

 
Rudolf Steiner, 22 januari 1918

GA 181. Der Tod – die andere Seite des Lebens. (De dood de andere zijde van het leven, uitg. Zevenster)


Wie over antroposofie wil spreken moet vooropstellen, dat hetgeen hij wil zeggen eigenlijk niets anders is dan wat uit het hart van zijn toehoorders komt. Dat is, waar ter wereld ook, altijd de bedoeling van de inwijdingswetenschap geweest. De grondtoon van een antroposofische uiteenzetting moet daarom de behoefte raken van de harten der mensen die antroposofie nodig hebben.

(…) religie is een woord zonder inhoud geworden. De mens heeft om zich heen in de beschaving wat oude tijden als wetenschap, kunst en religie bezaten. Maar de wetenschap der ouden is weggevallen. De kunst der ouden wordt niet meer ervaren in haar vroegere innerlijkheid. En wat als surrogaat naar voren komt kan de mens niet meer uit de fysieke substantie opheffen tot het stralen van de geest in de stof.

(…) Maar nu is de stem van het geweten veruiterlijkt. De wetten van de moraal worden niet meer teruggevoerd tot de goddelijke impulsen.

(…) Zo staat de mens nu tegenover de wereld. Uit deze gevoelens ontstaan de vragen die de antroposofie moet beantwoorden. De harten, die spreken vanuit deze stemming, zeggen: waar is het wereldinzicht dat deze gevoelens recht doet wedervaren?

Dat wereldinzicht wil de antroposofie brengen. En zij wil zo over wereld en mensen spreken, dat opnieuw iets kan ontstaan, wat begrepen kan worden met het moderne bewustzijn, zoals de oude wetenschap, oude kunst, oude religie begrepen zijn door het oude bewustzijn.

De antroposofie heeft, door de stem van het menselijk hart, zelf de geweldige opgave: de dorst te lessen van de hedendaagse smachtende mens. En daarom moet zij leven! Dat, beste vrienden, wil antroposofie zijn. Zij wil beantwoorden, aan wat de mens het vurigst verlangt voor zijn uiterlijk en voor zijn innerlijk bestaan. En zo ontstaat de vraag: kan er thans nog zulk een wereldbeschouwing bestaan?

De Antroposofische Vereniging dient de wereld hierop te antwoorden. Zij moet de weg vinden om de harten der mensen te laten spreken vanuit hun diepste smachtend verlangen. Dan zullen deze harten stellig ook het diepste verlangen naar de antwoorden beleven.

 
Rudolf Steiner, 19 januari 1924

GA 234 Anthroposophie – Eine Einführung in die anthroposophische Weltanschauung (Grondslagen van de Antroposofie - nader uitgewerkt)


De grote betekenis van de doop door Johannes de Doper is, dat hij bepaalde mensen die hij doopte tot bewustzijn moest worden gebracht. De mensen die hij doopte, dompelde hij volledig in het water onder. Zijn doop hield een totale onderdompeling in. Daardoor werd het etherlichaam van deze mensen uit het fysieke lichaam getild en werden zij voor een kort moment onder water helderziend.

Wat Johannes hen kon laten zien, was het feit dat de mens in de loop van de tijd wat zijn zielenleven betreft zo verkommerd was dat hij nog maar weinig van het oorspronkelijke spirituele erfgoed bezat – van dat spirituele vermogen dat hij door de poort van de dood kon meedragen en dat hem een helderziend bewustzijn kon geven.

En degene die door Johannes gedoopt werd, kreeg daardoor het inzicht: er is een vernieuwing van het zielenleven nodig. Er moest iets nieuws de zielen binnenstralen, zodat zich weer een leven na de dood kon ontwikkelen. En dit nieuwe is de zielen binnengestraald door het mysterie van Golgotha.

(…) Daarom kon Paulus zeggen: zoals de fysieke mensenlichamen van Adam afstammen, zo zullen steeds meer de zielen-eigenschappen van de mensen van Christus, van de tweede Adam, de geestelijke Adam, afstammen

 
Rudolf Steiner, Berlijn 14 januari 1913

GA 141 Das Leben zwischen Tod und neuer Geburt im Verhältnis zu den kosmischen Tatsachen. (De wereld van de gestorvenen)


toon meer citaten

Adressen en bronnen

Renée Zeylmans

Overleden op 16 februari 2018

Nearchus CV

Uitgeverij voor Sociale Driegeleding

Postbus 387

9400 AJ Assen

0592 408 989

www.nearchus.nl

Uitgeverij Pentagon

Vertalingen van Rudolf Steiner, opvoeding en vrijeschoolpedagogie

Prinsengracht 1055-b

1017 JE Amsterdam

020 622 7679

www.uitgeverijpentagon.nl

Stichting Rudolf Steiner Vertalingen

'Werken en Voordrachten' in het Nederlands

Boswachtersveld 203

7327 JS Apeldoorn

www.steinervertalingen.nl