menu

Weekspreuk 30 

27 oktober - 2 november 

Es sprießen mir im Seelensonnenlicht
Des Denkens reife Früchte,
In Selbstbewußtseins Sicherheit
Verwandelt alles Fühlen sich.
Empfinden kann ich freudevoll
Des Herbstes Geisterwachen:
Der Winter wird in mir
Den Seelensommer wecken.

Nu kiemen in het zielenzonnelicht
De rijpe vruchten van het denken,
In zelfbewustzijns-zekerheid
Verandert heel mijn voelen zich.
En vreugdevol beleef ik
Het geestontwaken van de herfst:
De winter zal in mij
De zielenzomer wekken.

Bonus

Zielenzonnelicht. Daar moet je wel blij van worden in dit jaargetijde, nu er buiten steeds minder zonlicht is. In de natuur trekt alles zich terug in zaden, bollen, winterslaap. Maar in de mensenziel wordt het zomer. Zoals de meteorologische zomer ons stimuleert om eropuit te trekken en nieuwe indrukken op te doen, zo schept de zielenzomer de mogelijkheid om onszelf, in onszelf nieuw te ontdekken. Je realiseert je, dat je niet willoos de invloed van de seizoenen hoeft te ondergaan, zoals alles in de natuur. Door de kracht van het denken, voelen we dat we anders in de wereld staan, dat onze wil het werktuig wordt van onze eigen kracht.

Zo zijn er twee bronnen werkzaam: de kracht van de wereldwijsheid daarbuiten en onze eigen kracht als openbaring van het denken in ons innerlijk. De wereldgeest kan niet zonder het initiatief van mensen en de mens zou verkommeren zonder het licht van de wereldgeest. Als die twee verweven worden vormen ze de schaal van het zelfbewustzijn waarin de wereldwijsheid ons inspiratie schenkt, ons inzicht geeft in wie we in dit leven geworden zijn.

Zo wordt de kracht van de wereldwijsheid voelbaar. Dat krijg je zomaar als bonus omdat je mens bent. Je kunt dat voor kennisgeving aannemen, alsof het airmiles zijn die je niet spaart. Maar je kunt de bonus ook verzilveren en je realiseren hoe je door het leven rijker geworden ben, al heeft je dat wellicht ook moeite of verdriet gekost. Als de kracht van het eigen denken niet verwarmd wordt door het zonlicht van de ziel, dan blijft het koud en dood. Dan verschraalt het voelen. De dankbaarheid voor wat het leven schenkt, de vreugde dat je daar zekerheid uit kunt putten, wekt het verlangen om de winter tegemoet te gaan en ons innerlijke licht geboren te laten worden. Hoef je ook geen airmiles te sparen om op wintervakantie te gaan.

Heinrich Schütz schreef met de woorden van psalm 145 dit lied over de verzadiging van de ziel:

Aller ogen wachten op u Heer, en gij geeft hen uwe spijze te zijner tijd;
Gij opent uw milde hand en verzadigt allen die er leven met welbehagen

Aller Augen warten auf dich Herre